In deze preek over Romeinen 8:9-11 wordt stilgestaan bij de radicale nieuwe werkelijkheid van allen die door de Heilige Geest met Christus verenigd zijn. Paulus laat zien dat een gelovige niet langer behoort tot de oude orde van vlees, zonde en dood, maar door de inwoning van de Geest opgenomen is in de werkelijkheid van Christus. De preek werkt uit dat de Geest van God het beslissende kenmerk is van ieder die Christus toebehoort en dat verlossing daarom veel dieper gaat dan uiterlijke religie of morele verandering. Vervolgens wordt de spanning behandeld tussen het huidige sterfelijke lichaam en het reeds ontvangen leven in Christus. Hoewel de gelovige nog leeft in een lichaam dat onderworpen is aan de gevolgen van de zondeval, is het leven van de komende eeuw reeds begonnen door de gerechtigheid van Christus. Vanuit vers 11 wordt de hoop van het evangelie uitgewerkt: de toekomstige lichamelijke opstanding. Dezelfde Geest Die Christus uit de doden heeft opgewekt woont in Gods volk en garandeert de uiteindelijke verlossing van het lichaam en de volledige overwinning op de dood.
Kernpunten van de preek
- De inwoning van de Heilige Geest is het beslissende kenmerk van wie Christus toebehoort
- Verlossing betekent gemeenschap met God door Christus in ons
- De gelovige leeft reeds het leven van de komende eeuw ondanks lichamelijke sterfelijkheid
- De gerechtigheid van Christus is de grond van het ontvangen leven
- Het sterfelijke lichaam draagt nog de gevolgen van de zondeval
- De christelijke hoop richt zich op de lichamelijke opstanding
- De opstanding van Christus garandeert de toekomstige verheerlijking van Gods kinderen
Geciteerde Schriftgedeelten
Romeinen 8:5-11 | Romeinen 8:1 | Romeinen 6:6 | Romeinen 6:8 | Galaten 2:20 | 2 Korinthe 5:17 | 1 Korinthe 6:19-20 | Efeze 3:14-17 | Romeinen 5:12 | 1 Johannes 5:12 | 2 Korinthe 5:21 | 1 Petrus 2:22-24 | Filippenzen 1:23 | 1 Korinthe 15:13-14