In deze preek over Hebreeën 6:13-18 wordt stilgestaan bij de oproep om in geloof en geduld de beloften van God te beërven, met Abraham als voorbeeld, en bij de vaste zekerheid die wij hebben omdat God Zelf met een eed Zijn onveranderlijke raadsbesluit bekrachtigt en niet kan liegen, zodat wij onze hoop in Christus met volharding vasthouden.
Kernpunten van de preek
- Geloof en geduld behoren tot de vrucht van de Geest.
- Abraham wordt genoemd als concreet voorbeeld van iemand die de belofte ontving door volhardend geloof en geduld.
- Gods belofte aan Abraham wordt extra bevestigd doordat Hij bij Zichzelf zweert, omdat er niemand hoger is dan Hij.
- Gods belofte en Zijn eed vormen samen twee vaste zekerheden, omdat God niet kan liegen.
- Deze zekerheden bieden gelovigen een stevige grond om de hoop vast te houden en niet op te geven.
Geciteerde Schriftgedeelten
Genesis 12:1-4 | Genesis 15:2-6 | Genesis 22:16-17 | Psalm 47:2-3 | Psalm 97:9 | Johannes 15:4-5 | Romeinen 2:4 | Romeinen 4:18-22 | Romeinen 5:3-4 | 1 Korinthe 13:4 | 2 Korinthe 5:21 | Galaten 5:22 | Efeze 1:20-21 | Efeze 4:1-3 | Hebreeën 6:11-18 | 1 Timotheüs 1:15-16 | 2 Petrus 3:15 | Lukas 17:5 | Markus 9:24